Vandaag begint de tweede week van het verplicht thuiswerken. De eerste week voelde misschien nog aan als een soort extra voorjaarsvakantie – het weer werkt gelukkig mee. Nu de tweede week aan breekt, begint bij veel mensen duidelijk te worden waar het aan schort.

Veel bedrijven laten hun medewerkers via allerlei online oplossingen met elkaar vergaderen. Voor velen was dit in de eerste week nog vreemd. Ook in mijn praktijk heb ik hiervan grappige voorbeelden gezien (tijdens een gesprek ongeveer 5 minuten lang iemands’ plafond gezien omdat die persoon de laptop op een dusdanige hoek had opengeklapt dat ik alleen een plukje haar en het plafond kon zien). Inmiddels hebben we allemaal onze laptops weer helemaal leren kennen en is video-bellen geen nieuwtje meer.

Er zijn mensen die – ongeacht de werkweek – gewoon de hele dag in pyama aan de laptop zitten (en tijdens online-vergaderingen 10 minuten de camera geen camerabeeld hebben omdat die zogenaamd niet werkt – terwijl je de electrische tandenborstel hoort zoemen).

Toen wij nog allemaal ‘s morgens op stonden om naar ons werk of een klant te gaan, waren we alert op wat we aantrokken. Je verzorgde jezelf en trok aan wat je goed stond. Je zorgde ervoor dat je op tijd was omdat dit nu eenmaal de afspraak is die je met je collega’s gemaakt hebt. Nu we een week thuis zitten, begint het verval erin te sluipen want waarom zou je je netjes aankleden als je tóch de hele dag thuis zit..?

Het mooie van thuiswerken is dat je vrijheid hebt om aan te trekken wat je wilt. Kleren maken hoe je je voelt. Uit onderzoek blijkt dat er wel degelijk een connectie is tussen onze emoties, handelingen en denkbeelden. Als je je ‘s morgen rot voelt en je kleed je daar ook naar dan is je dag een ‘self-fulfilling prophecy’. Als je daarentegen iets aantrekt dat je goed staat, merk je al snel welke uitwerking dit heeft op hoe je je voelt, hoe je denkt en wat je doet. Sterker nog; het weerspiegelt vooral hoeveel je jezelf waard vindt. Hetzelfde geldt voor wat je ‘s morgens aan trekt en of je op dezelfde tijd als anders op staat.

Uit Amerikaans onderzoek blijkt dat veel mensen die thuiswerken dit doen vanaf/vanuit hun bed. Telefonisch overleg, e-mail checken, rapporten schrijven; 69% van de respondenten uit het onderzoek gaf aan één of meer van deze zaken vanaf deze locatie te doen. Dat betekent dat gemiddeld zo’n 13 dagen per maand vanuit bed gewerkt wordt.

vrouw op bed werkt in pyama

In mijn communicatietrainingen voor callcentre-medewerkers laat ik mensen wel eens liggend een telefoongesprek voeren. En daarna zittend of staand. Aan de andere partij vraag ik dan of ze verschil hoorden tussen het ene en het andere gesprek. Het antwoord is altijd “ja”. Je stem vervormt namelijk als je ligt doordat je stembanden naar achteren hangen als je ligt. Probeer het maar eens en neem je stem op met je telefoon; je zult horen dat er een groot verschil is tussen de ene positie en de andere. En dat is ook de indruk die je maakt op de ander; vind jij jezelf én die ander belangrijk genoeg om voor op te staan en je behoorlijk aan te kleden..? (nee, niet wèèr zo’n joggingbroek aantrekken).

In bed of aan tafel..?

Bij thuiswerken is het belangrijk om werk en privé gescheiden te houden. Dat is niet altijd makkelijk als er ook nog een stel kinderen rond lopen en aan je broek hangen omdat ze zich vervelen. Kinderen in de schoolleeftijd zijn makkelijker in een werkschema te krijgen. Op gezette tijden aandacht aan ze geven, is rust creëeren. Bijvoorbeeld als pappa of mamma aan de keukentafel met de laptop bezig is, mag je even niet storen. Als pappa of mamma op de bank zit, mag je vragen stellen.

Daarnaast helpt het absoluut om samen af te spreken wie wanneer de kinderen onder z’n hoede neemt. Zelf heb ik met mijn wederhelft een afspraak van een halve dag voor je werk en een halve dag waarin onze (pre)pubers een belangrijke rol spelen (schoolwerk, ontspanning).

Tegelijkertijd werkt het voor jezelf ook zo; als je aan tafel met de laptop bezig bent (met of zonder kinderen om je heen) geldt dat je aan het werk bent. Zodra je op de bank gaat zitten of op bed gaat liggen, ben je in de privé-modus. Je zult zien dat dit al snel anders aan voelt als je er voorlopig even heel bewust mee om gaat.

Gevaar van de verleiding

koekjes in trommel

Daar waar je op je werk voor op past om niet te doen, schuilt het gevaar in je privé-omgeving; verleidingen. Om het schrijven van dat lastige rapport een stuk makkelijker te maken, is het leeg eten van de koekjestrommel wel zo makkelijk, bovendien moest je tóch iets eten. Of dat je om 3 uur ‘s middags denkt:”Nou, dat biertje kan nu ook wel”. De gevaren van verleiding die ervoor zorgen dat je niet alleen laag in je concentratie zit maar óók nog eens ontzettend aan komt qua gewicht. En dat moet er straks allemaal weer af zodat je over-uren op de klok maakt in de sportschool (als die weer open mogen).
Eenzelfde verleiding kan zijn dat je denkt dat sommige dingen later wilt doen. Voor je het weet, verschuif je je werkritme en ben je ‘s avonds aan het werk in plaats van overdag. Deel je dag in blokken in, dus op gezette tijden de dingen doen die je móet doen (koffiepauze, werk, lunch etc.).

Roze olifant

denk niet aan een roze olifant

Al snel hoor ik dan mensen zeggen:”Ja maar dat werkt hier toch niet”. Het begin van een zin met ‘ja maar’ betekent al dat je het er niet mee eens bent. Èn als mens zijn wij allemaal geprogrammeerd om te denken in wat wij vooral ‘niet‘ willen. De kracht van het woordje ‘niet’ is juist dat je gaat denken aan datgene dat je dus niet wilt. Als ik zeg:”Denk niet aan een roze olifant” dan weet je wat er gebeurt… Daar staat ‘ie; levensgroot en bij jou in de kamer.

Als je kijkt naar wat je wél wilt, is het makkelijker om de juiste beslissingen te nemen. Zo zijn absolute go’s zijn het maken van (thuis)afspraken en voor je werk mail- en beltijden. Deze oude ‘tijdrovers’ zorgden ook op je werk voor veelvuldige afleidingen maar privé werkt dat nog sneller zo. Laat je collega’s weten dat je op bepaalde tijden je e-mail checkt, je voicemail afluistert en in je auto-responders (automatische beantwoording) laat je dit weten. In de tussentijd kun je dan makkelijker geconcentreerd aan één rapport werken.

Bewegen blijft belangrijk

Ik weet het; de overheid heeft gezegd dat het niet de bedoeling is om massaal erop uit te trekken maar als je de hele dag binnen zit (met of zonder kinderen) móet je er op een gegeven moment gewoon even uit. Met de kinderen de speeltuin in, is niet zo’n goed idee onder de huidige omstandigheden maar een stukje wandelen (met klein spel-element erin) kan natuurlijk wél. Zolang je ervoor zorgt dat je niet in elkaars’ knieholtes loopt en voldoende afstand houdt.

Ook in de stadse gebieden, zijn en voldoende mogelijkheden om even buiten te zijn zonder dat je de adem van iemand anders in je nek voelt.

Kortom; kleed je goed aan (pyama-dagen krijg je nog voldoende als je oud en bejaard bent), verzorg jezelf (wassen, scheren…) en ga aan je bureau of keukentafel zitten werken.

Blijf gezond in de tussentijd..!

Deze blog verscheen op 24 maart 2020 op mijn burnout-website